woensdag, 28 december 2011 10:00

Erik Huizer

Erik Huizer, Managing Director Information Society TNO

Gerlof en mijn baan

December 2009. TNO Raad van Bestuur kondigt aan dat ze de TNOorganisatie gaan kantelen. TNO gaat echt multidisciplinair werken aan maatschappelijke thema’s. Helaas is voor mij de consequentie dat mijn baan per 1-1-2011 zal verdwijnen. De enige baan die ik in de nieuwe organisatie echt zou willen hebben, managing director voor het thema Informatiemaatschappij, is voor mijn baas Gerlof en terecht. Gerlof is een top-directeur. Vol humor en compassie, bevlogen, inspirerend en ambitieus.

Zo begint 2011 niet best. TNO, en vooral Gerlof, wil me graag houden maar er is geen passende managementfunctie en ik kom in de afvloeiingsregeling. Ik krijg tot 1 mei 2011 om een baan te zoeken.

Aanvankelijk lijkt dat goed te lukken. Ik heb (met name via twitter) wat leads en één ervan wordt heel concreet. Helaas loopt het op het allerlaatste moment alsnog spaak. Zo sta ik begin maart 2011 met lege handen. 1 Mei komt akelig dicht bij en ik heb geen grote leads meer. De economische crisis helpt niet echt.

Van Gerlof krijg ik een SMS of ik niet bij XYZ (twittertaal voor TNO) terug wil komen als interim manager. Ik probeer hem te bellen, maar dat lukt niet omdat hij ziek is. Ondertussen ontmoet ik twee TNO-ers die aangeven dat Gerlof al lang afwezig is door ziekte en dat het fijn zou zijn als ik terug zou komen. Vlak erna ontmoet ik weer andere TNO-ers met min of meer dezelfde boodschap. Zelf maak ik me geen illusies.

Mijn Amerikaanse vrienden proberen me op te fleuren en bieden spontaan banen aan. Leuke banen zelfs, maar de meeste vereisen een verhuizing naar Toronto of LA. Dat is geen optie voor me, maar er blijven nog wel twee mogelijkheden over die wellicht iets bieden en die verkend moeten worden.

Eind maart word ik uitgenodigd voor een gesprek in Hilversum. Het wordt een bijzonder leuk gesprek met wellicht openingen voor een baan. Ik rij vol goede moed naar huis. Net als ik de auto uitstap gaat mijn telefoon. Op de display zie ik dat het een lid is van de RvB van TNO. Ze valt met de deur in huis. Of ik bereid ben om terug te komen (of liever: te blijven) bij TNO en Gerlof ad interim te vervangen.

Daar moet ik wel even over nadenken, want opeens is dit dus een serieuze optie. Enerzijds de baan die ik echt wil hebben, anderzijds is het maar interim en moet ik dus door met zoeken en natuurlijk het wringende gevoel dat ik Gerlof niet wil passeren. Hij moet zelf zo snel mogelijk terugkomen.

We spreken af zo spoedig mogelijk bij elkaar te komen.

Een uur later krijg ik (en de medewerkers bij TNO) een mail van Gerlof waarin hij aankondigt dat hij een zeldzame vorm van kanker heeft. Opeens zijn al mijn zorgen over een baan maar onbenullig. Zo jong, gezin met drie kinderen en dan zo ziek.

Twee dagen later heb ik mijn ontmoeting met de RvB. Vlak daarvoor belt Gerlof me. Hij weet dat ik mijn twijfels heb en zegt dat hij die wil wegnemen. Hij dringt aan en zegt me dat ik de juiste man ben voor deze klus en dat hij graag wil dat het in zijn afwezigheid goed gebeurt. Hij geeft ook aan dat de kans dat hij nog in deze baan terugkomt erg klein is. Hij gaat vechten om terug te komen, maar wil dan wel een wat lichtere baan. Na 5 minuten moeten we het gesprek afbreken. Gerlof kan niet meer. Dat raakt me bijzonder, want daarmee komt de realiteit van zijn situatie erg dichtbij. Wat ik dan nog niet weet is dat dit de laatste keer is dat ik hem spreek en hoe belangrijk dit telefoontje voor mij zal blijken te zijn.

Later begrijp ik van de RvB dat Gerlof ook hen heeft gebeld en gesmst om ze te overtuigen mij voor deze baan aan te nemen.

Mijn gesprek met de RvB op 23 maart is bijzonder prettig. We halen de kou zoveel mogelijk uit de lucht en maken goede afspraken over mijn mogelijke inzet. De afspraken moeten nog juridisch getoetst worden.

Op twitter schrijf ik in bedekte termen dat ik waarschijnlijk een baan heb, maar met mixed feelings. Gerlof (@Always_Late op twitter) leest dat en stuurt me 2 smsjes:

Great! Ik ben hier erg blij mee! Gerlof

Mixed feelings....mmmmmmm.... toch jammer. Iig eerst die iPad kopen;-) ... daarna weer verder zien ! G

Een dag later komt namelijk de iPad2 uit in Nederland en Gerlof kent mijn voorliefde voor gadgets. (Ik slaag er overigens niet in om op die eerste dag een iPad2 te bemachtigen).

TNO kondigt intern alvast mijn komst aan om rust te brengen. Op twitter word ik al gefeliciteerd, maar niet uitbundig, omdat iedereen zich de reden van mijn aanstelling realiseert. Wel blijkt uit alle twitterberichten en smsjes die ik krijg dat ik echt welkom ben en dat mensen echt blij zijn met mijn komst. Als ik terugkom in Nederland hoor ik dat er juridisch geen problemen zijn en dat het contract onderweg is. Ik ga 4 april beginnen. Dat geeft me nog één dag om als werkeloze mijn badkamervloer opnieuw te voegen.

Die zaterdag vind ik het contract in de bus en teken ik. Ik blijf in vaste dienst bij TNO, nu als ad interim Managing Director Information Society (een titel waar ik erg veel moeite mee heb, alsof ik een Information Society moet managen, i.p.v. een research thema Information Society).

Maandag 4 april trek ik voor het eerst sinds maanden weer een pak aan en sluit ik aan in de file. In Delft word ik enthousiast begroet. Ik heb meteen overleg met de RvB en mijn management team en dat verloopt bijzonder positief. Het is een superleuk team met mensen met wie het fijn samenwerken is. Ik hoop dat ik net als Gerlof die samenwerking kan doorspekken met de nodige humor.

Ik word in Gerlof zijn kamer geplaatst en hang de portretten van mijn drie Chinese dochters naast de drie blonde dochters van Gerlof. Ik ga naar huis met koppijn (ik vergeet altijd te drinken tijdens een werkdag en dan krijg ik koppijn), maar ik voel me voor het eerst sinds tijden weer helemaal top.

Dinsdag begin ik de dag ontspannen op kantoor met wat leeswerk als Arien, secretaresse van Gerlof, huilend de kamer binnenkomt. Ze vertelt me dat Gerlof zojuist is overleden in het ziekenhuis. Ik ben met stomheid geslagen. We houden elkaar vast en we huilen in stilte. Ik wist dat hij ziek was, maar zo snel? Dat mag niet, is niet eerlijk. Ontkenning en woede vechten om een plaats. Als ik mijn ogen open doe, kijk ik precies naar de portretten van zijn drie dochters.

De rest van die dag gaat in een soort mist voorbij. Ik bel de mensen in onze omgeving om ze persoonlijk op de hoogte te brengen. Josée van Communicatie regelt ondanks haar eigen verdriet binnen de kortste keren een informatiebijeenkomst. Daar spreek ik voor het eerst het personeel toe in mijn nieuwe functie. En het voelt zo verkeerd. Dat ik daar sta en wat ik daar zeg. De voltallige RvB is er ook om met ons te proberen het verdriet een plaats te geven.

Een week later begraven we Gerlof. Het is een indrukwekkend afscheid met mooie persoonlijke verhalen die ons allemaal ontroeren en een enorme opkomst. Ik moet huilen.

De dag erna ga ik met hernieuwde moed aan het werk. Naast mijn intrinsieke motivatie voor het werk heb ik nu nog een motivatie: Het thema Informatiemaatschappij samen met alle TNO collega’s daar brengen waar Gerlof het zou willen hebben.

Gerlof, bedankt voor de kans. Ik hoop dat ik je niet teleurstel.

More in this category: « Claudia Verboom Peter Becker »

5 comments

Leave a comment

(*) velden zijn verplicht.