donderdag, 31 december 2015 09:00

Sabine de Witte

Het is woensdagavond 25 november, ik zit met zes van mijn dierbaarste vrienden aan tafel. Setting: restaurant 5&33, iedereen draagt iets glimmends zoals ik had gevraagd. Ondanks dat er 2 schitteren in afwezigheid vanwege ziekte, is de avond zo goed als compleet. Er wordt gelachen, gegeten, gedronken. Mijn vrienden kennen elkaar slechts van mijn verhalen, hoogste tijd voor een kruisbestuiving dus. Als een prinses zit ik in het midden met een glimlach van oor tot oor. Ik heb zelfs een speech geschreven om met iedereen te delen hoe ik ze heb leren kennen. Toch moet ik halverwege de avond een traan proberen weg te slikken. Het afgelopen jaar hebben ze me meer dan ooit laten zien hoe waardevol ze voor me zijn, allemaal op hun eigen manier. En de komende tijd zal ik ze meer dan ooit nodig hebben.

Mijn leven lijkt aan de buitenkant prachtig en probleemloos. Mijn lijf ook. Helaas bleek bij het baarmoederhalskankeronderzoek dat je op de 30e krijgt aangeboden, dat er onrustige cellen in mijn baarmoederhals zitten. Dat bleek niet één, niet twee, maar drie keer in negen maanden tijd. In de vriendenkring heb ik het liefkozend de naam ‘poeskanker’ gegeven. Zwarte humor is wat mij staande houd in tijden waarin ik even niet weet wat ik met dingen aan moet. Gelukkig is het voorstadium en prima te behandelen. Maar het nieuwe jaar beheert kanker mijn agenda. Ik ga er niet dood aan, de kans dat ik onvruchtbaar word is nihil, maar angst overheerst. Angst om mijn hele fijne leven niet meer te kunnen leven, om alles waar ik de afgelopen jaren zo hard voor gewerkt heb kwijt te raken. Om de angst van vrienden en familie.

Toen ik voor het eerste onderzoek ging, had ik geen idee dat dit zo vaak voor komt bij vrouwen, inmiddels ken ik er meerdere in mijn directe omgeving die twee keer per jaar dezelfde spanning ervaren. Waar ik normaal gesproken best laks kan zijn met medische afspraken en controles, ben ik blij dat ik hierbij mijn verantwoordelijkheid heb genomen en toch ben gegaan, hoe onprettig het onderzoek ook is. Daardoor ben ik nu op tijd in goede handen, is behandeling relatief simpel en de lichamelijke impact minimaal.

Dankzij deze vrienden en mijn familie weet ik dat de komende maanden vervelend, maar niet ondragelijk zullen worden. Langzaam probeer ik te accepteren dat niet langer ik, maar mijn lijf bepaald wat er gaat gebeuren. Terwijl ik me niet ziek voel, creëren cellen een soort monster in mij. En dat moet er zo snel mogelijk uit. In hoofd en lijf.

Onderschat de oproep voor zo’n onderzoek niet. Voor je het weet ervaar je net als ik dat moment, ‘morgen kan alles anders zijn’. En dat wil ik je graag besparen.

sabine woestijn

More in this category: « Maaike Gulden Peter Wybenga »

13 comments

Leave a comment

(*) velden zijn verplicht.