maandag, 25 december 2017 09:00

Jan Dijkgraaf

“Tot morgen”, had ze gezegd. “Maar wil je eerst even langs Bergambacht rijden en wat nachthemden voor me ophalen?”

“Tuurlijk, ma.”

Ik liet mijn zoon Bob alleen bij mijn moeder achter in het ziekenhuis in Nieuwegein, waar ze een gecompliceerde vaatoperatie aan haar voet had ondergaan.

“Zorg je dat ze dat drankje opdrinkt voor je weg gaat, Bob?”

“Doe ik.”

De volgende ochtend had ik Bergambacht nog maar net verlaten, of mijn telefoon ging.

088-nogwat.

Hetzelfde nummer dat de weken daarvoor twee keer ’s nachts gebeld had, als er complicaties waren opgetreden en mijn moeder snel geopereerd moest worden.

Die paar seconden tussen het overgaan en het opnemen van de telefoon wist ik het al.

De stem aan de andere kant van de lijn bevestigde slechts.

“Bent u al in de buurt van Nieuwegein...” “We denken aan een hartstilstand...” “In de reanimatiefase...”

En tenslotte, de knock-out: “Rij voorzichtig...”

Die laatste 30 kilometer naar Nieuwegein waren een helletocht.

Weet iemand dat ie dood gaat voor ie dood gaat?

“Ik wil nog wel, maar ik kan niet meer”, had ze een dag eerder gezegd.

En eerder die week, zomaar, terloops: “Dat het nou toch zo moet eindigen hè, Jan”.

Mijn moeder, een dametje, moest kiezen tussen een experimentele vaatoperatie die haar been zou redden en een amputatie. Tussen weer lekker kunnen lopen en een rolstoel.

Ze koos vol overtuiging voor het experiment.

Het experiment slaagde.

Maar wat niemand had voorzien, was dat haar lichaam twee extra operaties wegens complicaties niet meer aankon. Dat ze door maanden helse pijn misschien al te ernstig verzwakt was. Dat ze ook nog wat verborgen gebreken had.

Ze werd net geen 81.

Ze verweet me nooit dat ik de deur niet bij haar plat liep. “Als het moet, ben je er.”

Ze zou na haar operatie bij ons komen aansterken. “Lekker bij Jan en Thea in Friesland.”

Ze had wel honderd keer gezegd dat ze een prachtig leven had gehad. “Het is nu eenmaal zo dat onze generatie aan de beurt is.”

Ik had mijn vader negen jaar eerder verloren. De eerste echte tegenslag in mijn leven. En toen was ik al 45.

En nu dus mijn moeder...

In de auto, op weg naar Nieuwegein, keek ik naar dat plastic tasje met twee nachthemden naast me op de passagiersstoel.

En ik jankte en jankte en jankte.

Een volwassen man van 54.

Die wist dat hij in Nieuwegein te horen zou krijgen dat hij wees geworden was.

En altijd wees zal blijven.

En dat is zo ontzettend kút.

Wees worden, dat gun je je grootste vijand nog niet. Laat staan jezelf.

---

Professioneel buttkicker Jan Dijkgraaf (Rotterdam, 1962) schreef een lief herinneringsboekje aan zijn ouders, onze jeugd en de tijdgeest. Nog beperkt te koop.

More in this category: Guido van Nispen »

22 comments

Leave a comment

(*) velden zijn verplicht.