Ellemijn Veldhuijzen van Zanten

Regen en tranen spoelden over mijn wangen. Ik stond stil, dook nog iets dieper in mijn te grote jas, probeerde te ademen en rustig te worden. Ik kon natuurlijk ook gewoon omdraaien en weer naar huis gaan. Maar ik kon ook even doorzetten. Het klonk wel fijn, een huis aan het park. Met een tuin. Nee, ze zou er nooit in spelen maar ooit misschien, nee, zeker te weten wel een ander kindje. Ik probeerde de tranen en de regen van mijn wangen te vegen en stapte door. De hoek om, de straat in. Aan de overkant zat een café met Harley Davidson stickers op de ramen. Dat beloofde niet veel goeds. Ik was opgegroeid in Gouda en te vaak lastiggevallen door de mannen die op die motoren reden. Minpunt dus.

De voordeur stond open. Een zware wierooklucht kwam me tegemoet. Lekker. Met mijn handen in mijn jaszakken hield ik mijn dikke buik vast en stapte naar binnen. Door de lange hal, de hoek om, de huiskamer in. Daar stond een kinderwagen, degene die ik net afbesteld had omdat de baby in mijn buik dood zou gaan. In deze easywalker zat een vrolijke dreumes met een snottebel. Het ventje lachte me stralend toe. Ik glimlachte terug. De brok in mijn keel leek ietsjes kleiner te worden. Ik liep verder door de huiskamer. Het was er vrij donker, er lagen Perzische tapijten op de grond, het deed me denken aan vroeger. Ik draaide me om en zag het Vondelpark door de open verandadeuren. Het regende niet meer zo erg. Voorzichtig klom ik via het steile, gladde trappetje naar beneden, de tuin met de lichtblauwe muur in. Andere kijkers stonden het huis samen met hun makelaar volledig af te kraken. Ik snapte er niks van. Zagen ze dan niet wat ik zag? Voelden ze het niet? Nee, kennelijk niet.

Mijn hart begon sneller te kloppen. Ik klauterde de trap weer op naar binnen. Een klein keukentje, een vreemd ingedeelde badkamer, een rommelkamer. Naar beneden via een nog steilere trap. Een souterrain, het atelier van de bewoonster. Leidingen liepen door de ruimte en tegen de ongeverfde muren maar het was er warm en behagelijk. Mijn wangen begonnen te gloeien. Het gevoel was niet te ontkennen, ik was thuisgekomen. Dit was mijn huis, mijn thuis. Dit huis moest van ons worden. Alles zou goed komen hier. Ik voelde het in het diepst van mijn hoogzwangere buik.

Enkele dagen later lag ik te bevallen van Jasmijn. “Als ik het niet meer zie zitten moet je me helpen herinneren aan ons nieuwe huis.” had ik gezegd. De dag er voor had ik te horen gekregen dat de eigenaresse het ons gegund had. De Zocherstraat 31-huis was voor ons!

Vierentwintig jaar en ruim twee weken later ren ik, gewapend met een stofzuiger, een emmer sop en diverse vaatdoeken en handdoeken door mijn lege huis. Ik wil het graag schoon achterlaten. Ik wil de nieuwe bewoners laten voelen dat zij nu thuis kunnen komen in het huis waar ik zo veel van hou. Ik ren de hoek van de gang om, mijn hand even op de muur en dan op het hekwerk van de trap. Een achteloze aanraking waardoor ik opeens besef hoe vanzelfsprekend het is wat ik doe. Ik weet precies waar ik mijn voet moet zetten, hoe groot de stap moet zijn om daar te komen waar ik wil zijn. Ik kan me hier blindelings voortbewegen. Ik krijg een brok in mijn keel.

Och mijn lieve huis. Het is goed zo, maar ik ga het missen. Wat maakten we veel mee samen. Alle tien mijn zwangerschappen, ieder zieltje was hier geweest. Ik vond het met Jasmijn in mijn buik, ik verbouwde het met in mij een klein levenloos vruchtje dat mijn baarmoeder maar niet los wilde laten. Ik verhuisde er naartoe toen ik zwanger was van Tijgertje. Ik lag er uitgeput op de bank nadat ze geboren was.

Victor en Boaz bracht ik er vlak na hun geboorte thuis. Ze zetten er hun eerste stapjes, zeiden hun eerste woordjes, speelden er eindeloos. Ze lachten en huilden er. Ze groeiden er op. Ik had zo lief in mijn huis. Het was getuige van mijn diepste verdriet en momenten van wanhoop

Het beschermde en verwarmde me. Het kende al mijn geheimen. Quinten lag er in zijn kistje terwijl de jongens om hem heen speelden. Ik kreeg er bloedingen, verloor er zwangerschappen. Ik raakte er zwanger. Ik danste er en bedreef er de liefde. Ik broedde er tijdens mijn zwangerschap van Pablo maandenlang zittend op mijn stoel die gevuld was met bolletjes wol en haaknaalden. Ik kookte er eindeloos veel maaltijden voor mijn geliefden. Ik draaide er duizenden wassen. Ik lachte er tot mijn kaken verkrampten. Ik nam er afscheid en verwelkomde er.

Ik was er simpelweg gelukkig. Ik kende iedere hoek, iedere steen, ieder scheurtje en deukje en ieder geluid. Het was mijn dierbare vriend, mijn veilige haven. Wat er ook gebeurde, waar ik ook was, ik kon er altijd naar terugkeren. Mijn huis, mijn thuis.

Nog heel even was het van mij. Ik keek nog een keer naar buiten, de tuin in. Het park, de bomen. Mijn lieve buren. De brok in mijn keel werd groter en groter.

Ik maakte een hartje van alle huissleutels, stapelde de laatste spullen in mijn bakfiets en toen was het moment daar. Ik stapte naar buiten zoals ik er jaren geleden voor het eerst naar binnenstapte. Met betraande wangen. Op weg naar mijn nieuwe thuis.

#GROOTgeluk

P.s. trouwens, dat café aan de overkant met die Harley stickers, bleek een pluspunt te zijn. Het was van Hans en Milly met wie ik al heel snel bevriend raakte. Het werd mijn stamkroeg. Ik at er ontelbaar veel tosti’s en bracht er menig uurtje door.

10 gedachten over “Ellemijn Veldhuijzen van Zanten”

  1. Wat schrijf je heerlijk Ellemijn. Fijn om je verhalen te lezen en ook deze over jullie thuis. Veel plezier in het nieuwe huis.

  2. Lieve Ellemijn. Al jaren volg ik jou, je foto’s en je verhalen en steeds weer als ik je naam en je verhaal zie staan, krijg ik een warm hart. Jouw liefde en warmte zijn een gave! Echt. Kerstknuffel voor jou en de jouwen.

  3. En nu heb je me natuurlijk ook ongelooflijk nieuwsgierig gemaakt naar jouw rol als ‘Betsy’ in Happy Single’ eind 2022… dat minpunten ook pluspunten kunnen zijn blijkt wel uit dit artikel. Fijne feestdagen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top